Auto Union
Bron: Dream-car.tv
Auto Union is ontstaan uit de fusie van 4 Duitse
autofabrikanten, opgezet in 1932 te Chemnitz, Duitsland. Wat uit
deze samenwerking is overgebleven kennen we op de dag van vandaag
beter als Audi, een A-merk binnen de Volkswagen Group. Het logo van
Audi bestaat net als het toenmalige Auto Union logo uit de 4
overlappende ringen, waarbij elke ring 1 van de 4 toenmalige
grondleggende bedrijven symboliseert. Merkwaardig is wel dat het
vier ringen logo enkel op de Auto union bolides werd gebruikt en
dat de gefusioneerde bedrijven voor de andere auto's hun eigen logo
bleven gebruiken.
De gefusioneerde bedrijven hadden vroeger elk specifiek hun
eigen bedrijfstak, zo was Horch - opgericht door August Horch -
gespecialiseerd in luxueuze V8 bolides. DKW was dan weer een
stoomtoebehoren bedrijf, in 1916 opgericht door de Deense ingenieur
Jørgen Skafte Rasmussen en verkocht vooral motorfietsen en later
ook voorwielaangedreven two-stroke auto's. Wanderer bestond sinds
1911 en bouwde vooral kleine vier-cilinder auto's en later luxueuze
V6 auto's. Het toenmalige Audi bouwde vooral V4 en V6 auto's.
Auto Union is het meest gekend om zijn racing team, onderdeel
van de fameuze Silver Arrows (waar ook Mercedes Benz deel van
uitmaakte). Niet alleen domineerden zij vanaf 1934 de GP racing
maar ze vestigden ook talrijke records. Deze bolides waren zo
vermogensvol dat hun prestaties pas begin jaren 80 konden
gëevenaard worden door de turbocharged Formula One Grand Prix cars,
dit terwijl de Auto Union bolides dit vermogen al in 1934 ter
beschikking hadden.

In de racerij won de Auto Union 25 wedstrijden tussen 1935 en
1937, bestuurd door onder andere Ernst von Delius, Bernd Rosemeyer,
Hans Stuck and Achille Varzi.
Tijdens die jaren waren er uitgesproken voor- en nadelen aan deze
schitterende Auto Union racewagens verbonden, iedereen kloeg met
name over de moeilijke handling, maar de uitmuntende power en
acceleratie maakte dat allemaal weer goed. Een woordvoerder heeft
het in een Engels interview ooit als volgt samengevat: a driver
could induce wheelspin at over 100 mph (160 km/h).
Door gebruik te maken van supercharged motorblokken kon er een
vermogen tot 550 pk verkregen worden, deze motoren werden ontworpen
om een zo optimaal mogelijk koppel op lage toeren te voorzien. Om
de kracht en flexibiliteit van dit blok te illustreren heeft Bernd
Rosemeyer zo ooit een snelle ronde op de Nürburgring geklokt in één
enkele versnelling, zonder te hoeven schakelen.
De benzinetank bevindt zich centraal in de auto, direct achter de
bestuurder. Dit principe werd en wordt nu nog regelmatig om
dezelfde reden toegepast, nl. om zo min mogelijk verschil in
wegligging te ondervinden ongeacht een lege of volle tank.
De daaropvolgende jaren werden er nog tal van motoraanpassingen
uitgevoerd en werden er nog meer wedstrijden gewonnen. Ook werden
er aerodynamisch een aantal concepts en wijzigingen gebouwd, zo
heeft Hans Stuck in een Auto Union Typ C een snelheidsrecord van
320 Km/h gevestigt.

In de tweede wereldoorlog eiste de regering de fabrieken op om
speciale voertuigen te gaan bouwen voor militaire doeleinden. Auto
union werd hierdoor één van de grootste bevoorraders van het Duitse
leger. In mei 1940 werden alle personenwagen gerelateerde
activiteiten stopgezet om aan de grote vraag van militaire
voertuigen te kunnen voldoen. Gedurende deze oorlog produceerde
Auto Union onder meer de Sd-Kfz 222 armored car, die onderhuids een
81 pk sterke Horch/Auto Union V8 motor had, goed voor een
topsnelheid van 50 Mph. De Horch Type 80 (KFZ 11), een ander door
Auto Union geproduceeerd model, werd gebruikt als licht
transportvoertuig om de Duitse officieren in te vervoeren. De Auto
Union fabrieken werden later in de oorlog zwaar gebombardeerd en
vernield bij gevechten tegen de Russische troepen.
In 1949 werd in het nu Oostduitse Zwickau de assemblage van de
pre-war modellen herstart. Deze modellen kregen de namen IFA F8 en
IFA F9 mee.
De DKW F89A werd gelanceerd in de nieuwe fabrieken van Auto
Union te Ingolstadt, waar veel toenmalige werknemers uit de
platgebombardeerde fabrieken in Zwickau kwamen werken.
In 1959 nam Mercedes-Benz een meerderheidsaandeel in Auto
Union,maar verkocht dit enkele jaren later reeds door aan
Volkswagen.
In 1964 nam Volkswagen de volledige trademarkrechten van Auto
Union en de fabriek in Ingolstadt over en begon nieuwe modellen te
bouwen zoals de Audi F103 en de Audi 72.
Vanaf de 50's mengde ook NSU Motorenwerke AG - die in de 50's de
grootste motorfietsbouwer was - zich in het bedrijf en bouwde in
samenwerking met Volkswagen verschillende NSU modellen. NSU bleef
echter wel een gescheiden merk tot ook dit opging in de fusie in
1985.
In datzelfde jaar werd de naam ook veranderd in AUDI AG, wat dan
ook meteen het einde van Auto Union betekende.